Schilderijencollectie

De Drie Mirakelen van Edam

  Trijntje Keever

 

Ick doe hier den leser cont. Doen ick was ovt 42 jaeren gesont. Doen was ick swaer 455 poont’

Pieter Dirckszoon Langebaard, is op 4 februari 1606 begraven in de Grote Kerk Edam Graf 52 (koor)

grafzerk 52

De schilderijen van de Dikke Kastelein en Langbaard, zijn twee van de belangrijkste schilderijen in de collectie. Zij hingen oorspronkelijk samen met het schilderij van de Lange Meid, in het Princenhof van Edam.

De schilderijen van de Dikke Kastelein en Langbaard zijn gemaakt in 1635. De Dikke Kastelein heette eigenlijk Jan Claeszoon Claes. Hij was de waard van de Edamse herberg ’s-Gravenhage. Jan hield wel van een goed glas wijn en heeft op het schilderij dan ook een roemer in de hand. Elk pondje gaat door het mondje en Jan woog dan ook uiteindelijk 455 pond. Echt oud is hij dan ook niet geworden. Hij overleed in 1612, 42 jaren jong….

Langbaard werd geboren in 1528 en heette Pieter Dirkszoon. Hij verdiende de kost als scheepstimmerman. Langbaard had een baard van wel 2,50 meter. Hij droeg deze in twee vlechten. Het hebben van zo een lange baard was natuurlijk onpraktisch en in het dagelijks leven droeg hij naar men zegt zijn baard dan ook in een netje. Men vertelde later ook dat Langbaard zijn baard geregeld kamde op de brug net buiten de Hoornse Poort. Zijn baard raakte daarbij dan het water.

Een absoluut unicum was Langbaard niet, getuige deze litho, uit 1807, naar een tekening van Antoine Francois Lomet. Het stelt de Gerechtelijk Raadsheer Jean (Hans) Staininger voor uit Braunau am Inn (Oostenrijk). Van deze Staininger gaat het verhaal, dat hij (in 1567) als gevolg van een vluchtpoging bij een brand over zijn baard struikelde en zijn nek brak.  Gezien de eeuw waarin de beide baardmannen leefden, zou er zelfs (voorzichtig) kunnen worden gesproken van een modeverschijnsel.

foto Kunsthandel Frans Laurentius Middelburg

De Dikke Kastelein en Langbaard waren een attractie. Zij reisden dan ook bij tijd en wijle het hele land door om zich aan het publiek te tonen. Langbaard stak het verdiende geld echter niet in zijn eigen zak, maar schonk het aan het calvinistische weeshuis van Edam. In 1583 haalde langbaard 200 gulden op met de vertoning van zijn baard. Hij schonk het geld aan het weeshuis en verdubbelde het bedrag nog eens uit zijn eigen spaargeld. Het oorspronkelijk portret van Langbaard, waar dit dus een kopie van is, werd geschilderd in dat jaar 1583. Mogelijk werd het besteld door de Calvinistische gemeente die de gulle schenker op deze manier wilde eren.

Een jaar later werd Langbaard benoemd tot weesmeester, de mooiste beloning die Langbaard zich kon wensen. Hij zou het ambt meerdere keren vervullen, de laatste keer in 1603. In 1606 overleed Langbaard en werd in de Grote Kerk van Edam ter aarde besteld. Hij kon bij zijn overlijden terugkijken op een godsvruchtig bestaan en sterven met de hoop dat zijn baard hem een plekje in de hemel zou bezorgen.

De Ruiterportretten

Evenals de Drie Mirakelen, waren de beide Ruiterportretten ook deel van het interieur van het Edamse Princenhof.  Van deze schilderijen, weten we met zekerheid, dat het portret van Frederik Hendrik is geschilderd door Herman Meindertsz Doncker in 1636. Gezien de uitbeelding, de penseelvoering en de decoratieve functie van het schilderij, is hoogst waarschijnlijk het portret van prins Maurits, eveneens een zoon van Willem van Oranje, ook door Doncker vervaardigd. Hier ontbreekt echter een signatuur.  Maar er is meer met dit schilderij aan de hand…. lees meer

olieverfschilderij

Ruiterportret Prins Maurits  tijdens de Slag van Turnhout in 1597

Ruiterportret Frederik Hendrik bij de belegering van Den Bosch in 1629

Frederik Hendrik (hier geschilderd door Herman Meindertsz Doncker) had sinds 1625 als secretaris Constantijn Huygens in dienst, die als een van de grootste dichters van de Gouden Eeuw bekend werd  lees meer

De schilderijencollectie van het Edams Museum bestaat uit ruim 89 schilderijen waaronder een aantal bijzondere, zeldzame werken. Topstukken zijn de eerder genoemde 3 levensgrote schilderijen. Ook het schilderij van Jan Molenaar (1682) waarop de Edamse scheepsbouwer Jacob Mathijsz Oosterlingh vol trots staat afgebeeld naast de door hem en zijn familie gebouwde 92 schepen, is een bijzonder schilderij.

Dit schilderij werd van 13 december 2012 tot en met augustus 2013 uitgeleend aan het Amsterdam Museum in het kader van de tentoonstelling De Gouden Eeuw. Het is nu weer op de Maritieme afdeling van het Edams Museum te bewonderen.

Een greep uit de schilderijencollectie kunt u (fullscreen) zien via de Fotogalerij in de kolom rechts hiernaast.


fragment uit de film Kronieken van Edam (zie ook de dvd in de Winkel)